
GESCHIEDENIS van de NEURAALTHERAPIE
Neuraaltherapie komt oorspronkelijk uit Duitsland, waar de gebroeders Ferdinand en Walter Huneke in 1925 per toeval de genezende werking van lokaalanesthesie ontdekten. Hun zuster Katharina werd jarenlang door ernstige migraineaanvallen geplaagd. De broers, beide arts, wilden graag helpen en probeerden met alle middelen hun zus te genezen, maar steeds zonder succes.
Bij een heftige migraine aanval in 1925 herinnerde Fredinand de tip van een collega. Het toenmalige reumamiddel atofanyl zou verlichtend werken bij migraine. Hij besloot het te proberen en spoot het middel in de ader van zijn zus. Op slag was Katharina van haar hevige hoofdpijn verlost. Dit mirakel is het begin van neuraaltherapie volgens Huneke, die nu nog steeds gebruikt wordt. Deze ontdekking bleek later geheel aan het toeval te danken, want als de gebroeders Huneke eerst het opschrift van het flesje atofanyl hadden gelezen, hadden ze het middel nooit geïnjecteerd in de ader van hun zus. Destijds werd namelijk aangenomen dat het injecteren van procaïne direct in de aderen tot dodelijke verlammingsverschijnselen kon leiden. Aan deze variant atofanyl was procaïne toegevoegd, om de pijn bij een injectie van de spier te verlichten. Voor inspuitingen van de ader waren er ampullen met uitsluitend atofanyl. Na afloop bleek het echter een gelukkige vergissing te zijn. De procaïne was juist het verantwoordelijke bestanddeel voor de plotselinge genezing van Katharina.
De gebroeders Huneke deden uitgebreid onderzoek naar de werking van procaïne en publiceerden in 1928 de resultaten van hun onderzoek Unbekannte Fernwirkungen der Lokalanesthesie. Hierdoor ontstond er ook grote belangstelling voor de behandelmethode in de rest van de wereld. Tegenwoordig zijn het vooral de Duitssprekende landen en Zuid Amerika waar neuraaltherapie grote navolging kent. Hier wordt de therapie geroemd voor haar ontelbare successen en ontlasting van de gezondheidszorg, omdat neuraaltherapie vooral inzetbaar is tegen vage pijnklachten. De reguliere gezondheidszorg heeft hier vaak geen antwoord op. Een huisarts of specialist kijkt vaak afzonderlijk naar klachten en legt geen verband met medische complicaties uit het verleden die nu op een geheel andere plek in het lichaam voor problemen kunnen zorgen.
